Pagina afbeelding

‘Trauma van verraad’

Nascholing

Onze nascholingen “traumatische herinneringen en het lijf” staan gepland (zie: nascholing ‘traumatische herinneringen en het lijf’ voor haptotherapeuten). Dat maakt me niet alleen enthousiast, het maakt ook dat ik één van de vele aspecten hiervan uit de laatste wetenschappelijke literatuur wil delen.

Er zijn veel factoren die van invloed zijn op trauma en haar impact: de ernst van de traumatische gebeurtenis zelf, leeftijd waarop die plaatsvond, door wie het slachtoffer is getraumatiseerd, in welke omstandigheden dat is gebeurd (bijv was er iemand in de buurt in de vorm van troost), enz.

 

Het verraad

Hierbij viel mijn oog op artikelen van Freyd die de theorie omtrent ‘betrayal trauma’ lanceerde (Freyd, 1991, 1994, 1996). Ik heb haar vrij vertaald naar ‘trauma van verraad’. Wat wil het geval? De relatie die het slachtoffer (van misbruik/mishandeling) met de dader heeft, is van groot belang (Freyd et al., 2007). Wat een kind nodig heeft, is een verzorger of ouder vol daadwerkelijke liefde, veiligheid en voedende grenzen. Wanneer die ouder/verzorger zich ontpopt als iemand die onveiligheid creëert en zelfs over seksuele of lichamelijke grenzen gaat, wordt de hechting met deze persoon verstoord. Immers, het kind heeft geen andere keuze dan in dat huishouden te blijven want het is afhankelijk. Tegelijkertijd betekent dat onveiligheid, pijn en verraad.

De andere dimensie waarop zij de impact van trauma bekijkt, is de mate waarin angst of regelrechte paniek wordt gecreëerd. Zo scoort sadistisch misbruik door de ouder/verzorger op zowel ‘sociaal verraad’ als ‘paniek’ hoog. Daardoor neemt de impact er van nog verder toe.

 

Geheugen

Slachtoffers van ‘betrayal trauma’ hebben soms andere kenmerken dan getraumatiseerden waarin geen sprake is van ‘het verraad’: 1) de duur van dissociatie (defensie waarin een veranderde bewustzijnstoestand ontstaat) hangt samen met veel schaamte, 2) ze vergeten meer van het trauma. Dat laatste lijkt verklaarbaar te zijn doordat de herinnering als het ware geïsoleerd wordt. De noodzaak is eenvoudig: het slachtoffer is afhankelijk van de dader. Dat betekent dat het slachtoffer niet kan riskeren om de situatie te berde te brengen. Een gebruikelijke reactie op misbruik/mishandeling door een buitenstaander is of de confrontatie aangaan of de betreffende figuur uit de weg gaan. Dat is in deze situatie onmogelijk (Freyd et al., 2007; Platt et al., 2013).

 

Trauma vs hechting

Dit is één van de redenen waarom Pat Ogden trauma en hechting uit elkaar trekt. Een éénmalige traumatische ervaring is afschuwelijk. Een traumatische ervaring waar de dader degene is waarvan je afhankelijk bent, brengt daarnaast hechtingsproblematiek met zich mee. Die wikkelt zich als een klimop om de ervaren trauma’s heen. Terwijl die trauma’s worden ervaren, is bij die ouder/verzorger geen mogelijkheid om troost te zoeken of je veilig te voelen. Dat maakt een belangrijk verschil met andere traumatische ervaringen.

 

Omgeving als bedreigend

Freyd heeft haar theorie doorgetrokken van personen die al dan niet veilig zijn naar omgevingen die onveilig kunnen zijn doordat er ‘verraad’ plaatsvindt (bijvoorbeeld in een (bedrijfs)cultuur waarin je niet spreekt over iemands kwalijke gedrag en daardoor  het slachtoffer links laat liggen of zelfs gaat pesten omdat zij/hij de code heeft doorbroken). Smith & Freyd (2013) observeren sterkere traumatische symptomen als de slachtoffers van seksueel misbruik die zich door een instelling of instituut – waar afhankelijkheid toe bestaat – verraden voelen.

 

Heling

Is er nog een zonnestraal aan het einde van de horizon? Gomez et al (2016) hebben beschreven hoe een helingsproces er uit kan zien. Daarbij gaan ze niet uit van ‘een gebroken bot’ dat ‘weer kan functioneren als nooit gebroken’. En terecht. Ze beschrijven hoe het ‘gevoel van zelf’ door ‘betrayal trauma’ in de jeugd sowieso niet goed tot stand komt. Heling heeft voor hen te maken met de ‘co-creatie’ van een heel mens: met pijn, kwetsuren, angst, groeimogelijkheden, kwaliteiten, afstand nemen, opnieuw willen verbinden enz.

Mooi gezegd. Wat minder makkelijk gedaan. En des te belangrijker het wel te leren, kunnen en doen.